zondag 1 mei 2011

Trouw

Na een aanloop van vijf maanden die de verwachtingen tot simpelweg onrealistische hoogten had verheven, was de dag der dagen deze vrijdag eindelijk aangebroken. Hoewel een aanzienlijk deel van de Britten het gulle gebaar van de kersverse premier zich een tikje achterdochtig liet welgevallen en erop uittrok voor een lang, Windsorloos weekend, was de euforie op het eiland onder andere onderdanen zeker niet gering te noemen. Gretig trok men de ene na de andere vergelijking met die laatste Royal Wedding, dat zo spectaculair was uitgemond in een rits schandalen en een dramatisch kelderende populariteit van de Britse monarchie. Hoewel de bruiloft voor het koningshuis juist een manier is om deze stemming eindelijk resoluut om te doen slaan en hierin ook te lijken zijn geslaagd, zal het leger van schandaalhongerige tabloidlezers uiteindelijk ook smachten naar de volgende hobbel.

In tijden van gruwelijke bezuinigingen en economisch onheil vergt een royalistische uiting van dergelijke grandeur een uiterst nauwkeurige planning. Van de goedkope schoenen van Samantha Cameron tot de op het altaar geplaatste bomen - die verdacht veel leken op het logo van de Conservative Party -, tot het ontbreken van de twee vorige Labour-premiers op de gastenlijst (John Major behoorde wel tot de genodigden), leek het geheel een Tory PR-machine met militaire precisie. Het doel? Dat het weer acceptabel geacht wordt om met een glimlach op je gezicht behoudend te zijn. Dat je een glimp wilt opvangen van the Royals, maar alle begrip hebt voor het feit dat je vanzelfsprekend altijd op afstand gehouden wordt. Dat nationale trots geuit kan worden zonder al te kritische vragen. Dat een geintje op zijn tijd leuk is, maar dat respect voor het vorstenhuis onaantastbaar blijft.

In dit licht is het hoogst interessant hoe de media binnen en buiten Brittannia het huwelijk be- en veroordeeld heeft. Zelfs de meest linkse Britse kranten merkten op dat er een intimiteit uitging van het geheel dat men nog niet eerder heeft mogen meemaken. De Nederlandse journalisten waren echter al gauw van mening dat de ceremonie stijf, onpersoonlijk, en te strak geregisseerd was. Hierbij is duidelijk geen rekening gehouden met het feit dat afstand het Britse koningshuis maakt tot wat het is. Elke toenadering is alleen wat waard omdat deze zo uiterst zeldzaam zijn. Je zal de Britse prinsen niet zien zaklopen omdat hun oma nou eenmaal de status heeft van vorstin van een voormalig wereldrijk, waartoe Canada en Australië bijvoorbeeld nog steeds officieel behoren. De geloofwaardigheid van de Windsors blijft alleen bestaan door die afstand, en porties intimiteit zijn op een dag als deze dan ook kunstmatig klein gehouden.

The Guardian had duidelijk moeite met de tweestrijd onder haar lezers: het enthousiasme wegens het meemaken van een duidelijk historische gebeurtenis en het knagende republikeinse gevoel. Het laatste is op zo'n dag het beste jezelf te dwingen tot het volledig negeren van de verwikkelingen van de dag, en de website lanceerde dan ook slim een huwelijksloze versie van hun online krant. Voor de Britten zit er niets anders op dan deze bruiloft niet al te lang door te laten klinken, en de Tories te laten merken dat de Conservatieven niet het alleenrecht hebben op nationalistische nostalgie. Aanstaande donderdag beslist het volk in een referendum of het kiesstelsel gematigd gemoderniseerd gaat worden. Het is dan ook te hopen dat nuchtere Brit die zich even heeft laten gaan in een tijdelijke waas van koningsgezindheid zich op tijd realiseert dat het meest traditionele land van Europa desondanks danig toe is aan verandering.

dinsdag 29 maart 2011

Wel eens Gekkere Dagen gehad..

Gisteren poogde de Nederlandse entertainment-elite weer eens ouderwets buiten de schoenen te lopen. Als de BBC sinds jaar en dag een hilarische goede-doelendag kan organiseren, moet dat voor de theatergigant VARA en de dolle jonge honden van BNN al helemaal geen probleem zijn. Naar wij dachten.

Helaas werd de spijker weer eens ouderwets misgeslagen. Uit De Gekste Dag bleek zeker voldoende bewondering voor het Britse format, en mogelijkheden dit tot een uiterst interessante traditie te doen ontpoppen waren er voldoende. Er werden echter direct al een aantal kapitale fouten gemaakt. Ik zet ze even op een rij:

- The element of surprise - de trouwe BBC-kijker vangt niet meer dan een glimp op van de geplande sketches voor Comic Relief. Zie hier een goed voorbeeld. Het gala aan beroemdheden uit film, muziek, sport en politiek dat onverwachts voorbij komt zetten is de sleutel van de grap. Als de Nederlandse kijker ver voor De Dag menig maal getrakteerd wordt op een fragment waarin Arie Boomsma een Uit de Kast-komende jongeman de huid volscheldt - de enige doch halfbakken grap van de sketch in kwestie - is er ook werkelijk niets verrassend of grappigs meer aan.
- Eén helder goed doel - Ofschoon de BBC met Red Nose Day meerdere charitatieve organisaties ondersteunt, valt de keus elk jaar weer op een enkel doel met betrekking waarop er tijdens de uitzending een heldere rapportage in stukken zal worden uitgezonden. Zo trok acteur David Tennant er dit jaar op uit om te zien hoe het ingezamelde geld helpt kinderen in Afrika te genezen van heelbare slechtziendheid. De Gekste Dag zaaide al snel verwarring, door het lot van zowel jongeren, ouderen als Alzheimer-patienten te bespreken. In een week waar er ook voor Japan en Nieuw-Zeeland wordt ingezameld, is een roep van 'dit samenraapsel van Hollandse ellende is tenminste geen ver van mijn bed-show' iets wat enkel de Wildersstemmer als muziek in de oren kan klinken.
- Het logge monster: de Nederlandse cabarettraditie - Nederland 3 wilde het BBC-format duidelijk niet in zijn geheel kopiëren. Grappig zijn, dat moet immers te allen tijde middels lange babbels in de microfoon en melige liedjes op de piano. Het cabaret staat immers nog altijd verheven boven andere kunstvormen in het algemeen, en stand-up comedy in het bijzonder. Hoogst ervaren podiumtijgers kregen elk vijf minuten om zichzelf van hun grappigste kant te laten zien. De luie cabaretiers lieten het zich welgevallen op dit benefietavondje: oude grappen werden schaamteloos recycled, oude liedjes herzongen, of men legde een gammel bruggetje van demente bejaarden naar een boottochtje met dolfijnen. Het idee van Red Nose Day is dat je een weelde aan speciaal ontwikkelde humor krijgt voorgeschoteld, in ruil waarvoor je vervolgens gul geeft. Aan een komiek die oude grappen van stal haalt, en zijn dvd-verkoop zo vervolgens een boost weet te geven, zal de krenterige Hollander naar grote waarschijnlijkheid weinig schenken.

Toch wil ik het helder hebben dat ik het nochtans erg charmant heb gevonden om te zien hoe de Nederlandse televisie deze poging waagde. Om echter voldoende boven zichzelf uit te stijgen om De Gekste Dag tot een succes te maken, zal de ijdele VARA/BNN-cabaretkliek zich toch eens flink achter de oren moeten krabben. Weet waarom je meedoet en doe het dan ook met volle overgave. Thomas van Luijn, de ogenschijnlijk anglofiele cabaretier die de legendarische kennisquiz Qi al naar Nederland wist te halen, was welgesteld de meest komische komiek van de avond, duidelijk omdat het project het hem echt iets kon schelen.

Desondanks blijft het concept problematisch: Nederlanders zijn wellicht gewoon te dol op kosteloos genieten. Britten, die het gewoon zijn kijk- en luistergeld te dokken voor hun gekoesterde BBC, leggen tevens gewillig ponden neer voor een avond unieke grappenmakerij. De schamele 250.000 euro die werd opgehaald (waarvan 100.000 euro drie live uitgereikte cheques uit het bedrijfsleven betrof - een stukje reclame is immers nooit weg) is dan ook niet alleen te verklaren door het lacharme programma. Ik telde zes reclameblokken tijdens, voor en na, waarvan in elk blok een spotje voor Japan. Noem me hypocriet, maar pas als de opbrengst van al die commercials naar het goede doel gaat, ben ik bereid mijn portemonnaie te trekken.

vrijdag 25 maart 2011

Tien uurtje

Wanneer ik een aantal jaar geleden voor het eerst mijn intrede deed in een Engels huishouden, bleek het al snel dat ik mij heerlijk onderdompelen in bizarre, ongemakkelijke en gevatte wereld van de Britse humor. Deze assumptie was vanzelfsprekend van toepassing op het dagelijks leven van dis en pub, maar wist zich ook te manifesteren in mijn ronduit vierkante ogen. Samen met mijn veelal wereldvreemde huisgenoten verslond ik dvd's van programma's als Spaced, Black Books, Gavin & Stacey en Peep Show. Ik kreeg zowaar een bonafide cursus in eilandse comedy, waar ik tot op de dag van vandaag de vruchten van pluk.

Wat ik bij mijn medebewoners echter minder goed kwijt kon, was mijn grote interesse in de actualiteit en het nieuws. Met de - veelal in bedwelmde toestand verkerende - drie filosofiestudenten van de flat boven de onze was het nogal wel eens mogelijk onoverzichtelijk gecompliceerde gesprekken te voeren over de politiek, maar mijn flatgenoten waagden zich niet eens aan het dagelijkse '60 seconds' nieuwsbulletin.

Voor iemand die opgegroeid is met Kopspijkers op zaterdagavond en Van Kooten en de Bie op zondag, is het uiterst merkwaardig dat iemand een voorliefde voor gevatte humor niet verbindt aan een scherpzinnige blik op wat er zich zoal afspeelt op het politieke en maatschappelijke toneel. Toen ik echter op eigen houtje trachtte te ontdekken wat Groot-Brittannië op dit vlak te bieden heeft, werd ik onaangenaam verrast.

In het verleden leverden programma's als Brass Eye maatschappijkritische humor, en namen programma's als Yes Minister en nu The Thick of It de Britse politiek op de hak. Wat echter leek te ontbreken was een humoristisch programma dat razendsnel reageerde op de meest recente ontwikkelingen in het nieuws. Een paar weken in het jaar is er natuurlijk Have I Got News for You, en imitator Mock the Week. Nu het panelformat echter zodanig is uitgeput dat de BBC vorige week voor hun befaamde Red Nose Day een 24-uursshow aan panelspelletjes wist uit te zenden, is het meer dan duidelijk dat de tweedimensionale studio met de drie bureautjes niet langer fungeert als de plek waar de men de politiek op komische wijze het meest effectief het vuur aan de schenen legt.

Tot de Britse commerciële zender Channel 4 tien weken geleden met iets totaal nieuws leek te komen. Na afgelopen jaar getracht te hebben twee komieken, een columnist en een presentatrice samen te brengen voor de Alternative Election Night, is het format omgebouwd tot een wekelijkse live comedy show, met een sterke mix van gesproken columns, lichtzinnige sketches, een humoristisch nieuwsoverzicht en gesprekken met politici en wetenschappers. Het programma had een paar weken nodig om de juiste toon en snelheid te vinden, maar binnen tien weken heeft 10 o'clock live zich weten te ontwikkelen als het meest scherpzinnige maatschappijkritische tv-programma op de Britse televisie. Zo werd het vorige week tijdens de uitzending duidelijk dat de VN-resolutie met betrekking tot Libië was goedgekeurd. Het was hoogst verkwikkend om te zien hoe er direct met Britse humor werd gereageerd dat het Verenigd Koninkrijk opeens weer in een oorlog was verwikkeld.

Waar de BBC zich vaak voorzichtig en traditioneel heeft getoond - bijvoorbeeld door Charlie Brooker's Newswipe, een vernieuwend programma van de eerder genoemde columnist, enkel uit te zenden op het minder toegankelijke BBC 4 - weet Channel 4 zich te presenteren als een modern medium, dat de traditie der Britse humor weet te koesteren zonder krampachtig vast te houden aan de bestaande tradities. Toch erg vreemd om te zien dat de roemruchte toekomst in deze ligt bij een commerciële zender, terwijl men in Nederland voor Ik hou van Holland aan de buis gekluisterd blijft.

Kijken dus.

woensdag 19 januari 2011

Dokter dokter

Ondanks mijn full-time baan als volbloed anglofiel, heb in het verleden al vaak met schuldig plezier geschreven over het falen der Engelsen. Extremistisch traditioneel, excentriek en een tikje onlogisch: zo komt komt de Britse lifestyle veelal op mij over.

De overzeese gezondheidszorg, de National Health Service of NHS, is in deze de dans zeker niet ontsprongen. Gek is dit niet, met oog op de gruwelen die ik in maart 2008 in een Manchesters hospitaal beleefde. Van de onverlaat die mij door een gebrek aan krukken een nachtje in het ziekenhuis wilde laten doorbrengen tot de niets ontziende zuster die mijn constant uit de kom schietende knieschijf eens even in een kousje wilde steken, en mij vervolgens aan het lachgas moest leggen om schijf in kwestie weer op zijn plek te krijgen, mijn ervaringen toch wel schwach bis mäßig te noemen.

Nu ben ik al een negen maanden dolgelukkig met mijn Engelse vriend, die een ouderwets Britse oertrots heeft als het gaat om het nationale Britse zorgsysteem. Gratis en toegankelijk voor iedereen, en de NHS betaalt zijn collegegeld nog ook. Deze Nurse Practitioner in de dop, wordt mij nogal eens de les gelezen over het systeem en zijn idealen, en hoe wij beide als samenleving dienen te benaderen.

En nu ben ik bang dat ik hem nog gelijk moet geven ook. Zo trachtte ik afgelopen week eindelijk een Utrechtse huisarts te regelen. De trachtfase van dit traject bracht, gezien de beperkte openingstijden van de praktijk, en de eis dat de patiënt in spé zelf met paspoort de praktijk moest komen binnenhobbelen, al de dusdanige problemen met zich mee. Toen ik na weken eindelijk kans zag mijzelf tijdens fase twee van een hardnekkige winterse griep richting de dokter te vernemen, benaderde ik met een flinke dosis naïef optimisme de balie.

Ik wilde de vereiste identificatie- en verzekeringspapieren al direct op de toonbank leggen. Dat bleek echter minder makkelijk. Na eerst gevraagd te worden of ik een vrouwelijke of mannelijke arts wilde hebben, opperde ik spontaan dat ik graag een damesdokter bliefde. 'Dan moet u morgen terugkomen, mevrouw', kreeg ik toen warempel te horen. 'Ik ben alleen de assistent van de mannelijke arts.' Na even aandringen ('de meeste mensen willen later alsnog een vrouw hoor mevrouw') mocht ik me inschrijven bij de dokter van het mannelijke geslacht.

Het complexe formulier ingevuld sta ik vijf minuten later weer voor de neus van de vleesgeworden bureaucratie. 'Hartelijk bedankt. Nog even voor de goede orde, de dokter gaat twee weken op vakantie, dus we kunnen u pas begin februari inschrijven'.

Briesend en snotterend begeef ik mij naar de uitgang. Ik denk terug aan de sfeervolle Zuid-Londense praktijk in dat mooie oude pand te Tooting. Even bellen, en je kon diezelfde avond (ja, avond!) nog terecht. Zelf op zaterdag was er een arts aanwezig. Apotheek naast de deur, en nooit een rekening voor de heilige koe, de NHS. Dat hetzelfde gouden kalf elke maand een flinke hap van mijn salarisstrookje opsnoepte, nam ik dan toch maar op de koop toe.

Excentriek, maar oh zo logisch. Nog altijd stukken beter dan dat het je systematisch moeilijk wordt gemaakt. In Engeland krijgt de patiënt een stukje respect en vertrouwen van haar gezondheidszorg. Dat je de Eerste Hulp vervolgens moet vermijden, zal dan maar moeten worden gezien een kleine aderlating.

maandag 20 december 2010

Kerstpakket

In Engeland is er de kerstborrel. Die ene avond in het jaar waar menigeen zich onacceptabel mag gedragen omdat iedereen het de volgende morgen toch is of wil vergeten. Gratis drank en glitterjurkjes.

In Nederland vieren we onze feestjes echter het liefst achter onze open gordijnen. Zo wij alcoholische versnaperingen binnenshuis consumeren waar de Britten de ganze avond in de nabije pub rondhangen, zo is de Hollandse kerstknaller een besloten feestje in een doos.

Eind december is het altijd weer een bekend gezicht: de man of vrouw die met loodzwaar kerstpakket door sneeuw en schemering sukkelt, een glimmend verlangen naar het ongeopende stukje warmte onder het bordkarton. Openmaken doe je thuis, en dus niet met je collega's, en zo is die oubollige kerstbonus lekker helemaal van jezelf.

Zo slenterde ik rond zes uur vanmiddag ook door witte straten van sprookjesachtig wit Utrecht, mijn zicht belemmerd door het feestelijke object dat ik muurvast in mijn armen had geklemd. Kerstlunch op kosten van de baas voor de uitzendkracht te Engeland is toch wel iets anders dan een Blijde Doos van een Nederlandse vaste werkgever. Dat het nieuwe jaar maar tevens mooi uitpakken mag.

zondag 28 november 2010

Sintergratie

Begin december is een verblijf in Nederland buitengewoon aanlokkelijk. Daar de kerklokken van de Dom 'Oh kom er eens kijken' klinkelen en ik op een zaterdags bezoek aan mijn lokale winkelcentrum belaagd wordt door een dozijn Pieten met blaasinstrumenten, voel ik mij op het moment bijzonder thuis in het Hollandse.

In een tijd waarin PVV-hufterigheid voelbaar zijn effecten heeft - onbetaalbare kunst en overal 130 rijden - ben ik maar al te blij dat, een poging van Verdonk ten spijt, het Sinterklaasfeest onaangetast lijkt door de nieuwe wind die door Neerlands bomen waait. Je hoeft maar een enkele blik te werpen op de Sintse feestelijkheden in een multiculturele buurt als de mijne om je zeer af te vragen of de intergratie wel zo mislukt is als men graag beweert. Allochtone en autochtone kinderen kleuren met identiek enthousiasme hun Sinter-kleurplaat in, en moeders met en zonder hoofddoek worden met aanzienlijke kracht richting Pieten gesleept.

Juist in deze tijden maak ik ons uniek Hollandse Sintfeest graag een tikje internationaler. Als ultiem decemberexperiment breng ik op pakjesavond dan ook met veel aplomb een Brit onder de Nederlanders. Aangezien de gemiddelde Brit in zijn of haar diepgewortelde gevoel voor politieke correctheid gruwt van het zwartgeverfde gezicht van een Piet, zijn de integratieproblemen in deze gecompliceerder dan menig voorval waarvoor Geert graag tanks Gouda ziet binnenrollen. Gelukkig is een gang over de daken ter overtuiging een klein stukje geruislozer.

zondag 7 november 2010

Eén been

Vreemde situatie. Als nieuwsgierige Hollander in het Londense was ik, ondanks het feit dat ik mij uitgebreid vergaapte aan wat de stad te bieden heeft, vaak schuldig aan een melancholisch wederkeren naar het Hollandse. Om die reden werd zowel de actualiteit als het culturele gebeuren veelal op de voet gevolgd. Met beide benen in Britannia, maar de blik zo af en toe wat meewarig op de Lage Landen gericht.

Nu ik mij professioneel volledig heb gerepatrieerd, begin ik pas te ervaren hoe afhankelijk drie jaar in het Britse mij heeft gemaakt van het Eiland en haar bewoners. Daar mijn lief zich ook nog eens in het hart van de Britse hoofdstad bevindt, lijkt elk snippertje vrije tijd opgeslokt te worden door mijn tweede vaderland. Keek ik toen ik in Londen woonde nog dagelijks het journaal en De Wereld Draait Door, nu begin ik de dag met BBC Breakfast en ga ik na een lange skypesessie met Islington's finest naar bed met recentelijk ontdekte BBC Three-sitcom Him & Her.

Kan ik mijn repatriëring wel volledig voltooien in deze staat van ultieme divisie? Is mijn gezellige Utrechtse flatje echt nog mijn thuis wanneer hart en ziel immer in Zuid-Engeland vertoeft? Of weet ik een subtiele balans te creëren, waardoor mijn anglofiele aard en mijn onomstotelijk Nederlandse identiteit eindelijk in harmonie kunnen bestaan? Ik haal mijn schouders op, steek een paar kaarsen aan en zap van Nederland 1 naar BBC 1. Van der Vaart en Tottenham op beide zenders. Kennelijk ben ik niet de enige met één been hier en de ander in een Londense suburb.